Stamt de Rode Beuk uit Darney?

Rode Beuk, blad en bloesen

Rode Beuk, blad en bloesem. Auteur: Liné1 Bron: Wikimedia Commons

De Rode Beuk die tegenwoordig over de hele wereld te vinden is, werd ééns gestekt van een zeldzaam wild exemplaar. Waar ligt de oorsprong van de moederboom? Er zijn geen harde bewijzen, maar het blijft mogelijk dat de Rode Beuk zoals die nu vele tuinen en parken in de wereld versiert, zijn oorsprong heeft in het “Forêt de Darney”.

In mijn zoektocht, na een tip van Hans Roverts, stuitte ik op drie verwijzingen in oude botanische boeken waarin melding gemaakt wordt van een mogelijke oorsprong in het bos bij Darney.

In “The Trees of Great Britain and Ireland” uit 1906 wordt teruggegrepen op een oudere beschrijving van de herkomst, maar deze word ook in twijfel getrokken. Het bos bij Darney blijft een mogelijkheid. Zie citaat:

Er bestaan een groot aantal variaties van de beuk. Sommige vinden hun oorsprong in het wild, terwijl andere verkregen zijn door cultivatie.

Variatie: purpurea, Rode Beuk.
Een complete beschrijving van zijn oorsprong verscheen in “Garden and Forest? 1894, p.2″. Hieruit valt te lezen dat de Rode Beuk werd ontdekt in de 18e eeuw in het Hanleiter bos bij Sondershausen in Thüringen Duitsland. En dat deze de moeder boom is van de exemplaren die nu de vrije tijds parken van Europa en Amerika versieren. Dit is de enige gewaarmerkte bron van welke tuinders de afstammelingen van de Rode Beuk hebben.

Niettemin, lang voor dat de Thüringse boom werd ontdekt, was de Rode Beuk al bekend. In Wagner’s “Historia naturales Helvetia curiosa (Zürich, 1680)” wordt al melding gemaakt van een beukenbos bij Buch, op de Irchelberg in Zurichgau (populair de Stammberg genoemd), waar drie beuken met rode bladeren groeien, die nergens anders voorkomen. Naar deze drie beuken wordt ook verwezen in “Scheuzer’s Natural History of Switzerland, uit 1706″. Daarin staat de legende dat volgens het populaire geloof, vijf broers elkaar hebben vermoord op de plek waar deze bomen ontsproten. Nakomelingen van deze bomen werden in een tuin geplant waar ze hun purper-rode kleur behielden.
De rode beuk werd ook in het wild gesignaleerd in het bos van Darney in de Vogezen.

Vertaald uit: The Trees of Great Britain and Ireland, Volume 1, F.R.S. Henry John Elwes, M.A. Augustine Henry, Edinburgh, 1906.

Ik vond ook volgend citaat uit “Flore forestière” uit 1860 (tweede editie). Hier wordt alleen het bos van Darney genoemd als vindplaats van wilde exemplaren en ook de boswachter die er melding van maakt:

Var. JS. Hêtre pourpre. Feuilles d’un pourpre noirâtre, un peu métallique, surtout au printemps. Celte variété, si fréquemment cultivée dans les jardins, a été observée à l’état sauvage dans la forêt de Darney, par M. Mailly, garde général.

uit: Flore forestière. [...] 2.e édition, Antoine-Auguste Mathieu, 1860, Paris.

In de derde editie van het boek uit 1877 wordt de boswachter niet meer vermeld:
Rode Beuk tekst

uit: Flore forestière. [...] 3.e édition, Antoine-Auguste Mathieu, 1877, Paris.

Dit is alles wat ik hierover heb kunnen vinden tot nu toe.

Zou het ook niet mogelijk kunnen zijn, vraag ik me af, dat de oorspronkelijke stekjes, van wilde bomen uit méérdere gebieden stammen?